Stilstaan onmogelijk bij The Last Bandoleros in Paradiso

Wie in April 2017 bij Sting in de AFAS Live was, had de kans om een bizar goed voorprogramma te zien. Sting zelf geloofde ook in The Last Bandoleros, zo erg dat hij ze tijdens zijn eigen concert meer wel dan niet als begeleidingsband en achtergrondzangers gebruikte. En terecht: de band zette de hele avond een vlekkeloos optreden neer. Ruim anderhalf jaar later is het aan Paradiso om de Texanen weer in Amsterdam te verwelkomen.

Of misschien moeten we zeggen: is het aan de Texanen om iedereen in Paradiso te verwelkomen. Bij binnenkomst is de band nog druk aan het soundchecken, maar is daarbij niet bang om meteen wat aandacht aan het publiek te schenken. De zaal mag dan niet vol zijn (en het ook niet worden), sfeervol is het wel meteen.

Perfect harmonieus

Vanaf de eerste noten is het onmogelijk om níet op het ritme van de muziek te bewegen, mede door de dansende bandleden maar vooral door de zomerse en meestal feestelijke liedjes. De tracks worden opgeleukt met strakke gitaarsolo’s en een klein kletspraatje tussendoor. Het optreden van de band is nagenoeg foutloos. Alle vier de muzikanten zingen, en sturen een perfect harmonieus geluid door de boxen.

Onopgemerkte foutjes

Het strakke optreden wordt alleen een beetje verpest door het slecht afgestelde en regelmatig storende geluid. Oh, en dat er af en toe stukjes niet zo goed meer in het hoofd zitten van de heren. Zanger/gitarist Jerry Fuentes moffelt soms een woordje weg, en bassist/zanger Diego Navaira vergeet zelfs een brug te zingen. De band kijkt hem even vreemd aan, maar de mensen in het publiek lijken grotendeels niks te merken: die swingen wel door.

Aan de dansende mensen te zien staan er veel liefhebbers in de zaal, maar dat zijn meer liefhebbers van het genre dan van deze specifieke band. Echt veel wordt er bijvoorbeeld niet meegezongen, ook al is het meeste werk al wat ouder. Het publiek krijgt een flinke dosis van het debuutalbum ‘San Antonio’ mee, maar wordt ook getrakteerd op nieuw materiaal. Die liedjes zitten blijkbaar beter in het hoofd van de heren, want hier worden geen woorden of bruggen vergeten.

Meeslepend en dansbaar

Een man in het publiek loopt vooraf hard te roepen dat The Last Bandoleros de beste Americana band in dertig jaar is. Vanavond geeft de band geen reden om aan die uitspraak te twijfelen. De slordigheidjes met de tekst worden ruimschoots goedgemaakt door meeslepende gitaarsolo’s en liedjes waarbij je onmogelijk stil kan blijven staan. De band belooft snel terug te komen en hopelijk houden ze zich daaraan. Dit soort feestjes kan Amsterdam wel meer gebruiken!

Advertenties

Frank Turner speelt een geroutineerd maar onvervalst feest

‘Welkom bij show nummer 2017! Een hele bijzondere, maar dat leg ik straks wel uit!’ Met die woorden trapt Frank Turner het optreden van hemzelf en The Sleeping Souls in de Melkweg af. En net als dat de eerste drie liedjes een heel goed beeld geven van de rest van de show, zijn die woorden ook de perfecte omschrijving. Een wat te gerepeteerde, maar erg verrassende show. Maar daar komen we later wel op terug.

Van ingetogen naar vol gas binnen één liedje

Eerst de liedjes. Frank Turner roept vanaf het begin dat hij een punkrockshow wil. Dat is nogal een uitdaging voor jezelf, als je net een van de softste albums tot nu toe uitgebracht heb. Maar de wat zachtere nieuwe liedjes worden afgewisseld met de hardere, en daardoor blijft de show fris. Zo begint Turner heel ingetogen met de titeltrack van het nieuwe album ‘Be More Kind’, om meteen met ‘1933’ vol gas te gaan.

Naar z’n zin

Misschien iets té enthousiast: na liedje drie, ‘Get Better’, begint Turner al schor te worden. Niet heel gek met dat gebrul in de microfoon de hele tijd. En dat is juist een van de charmes van Frank Turner live. Dat, hoewel alles wat routinematig afgewerkt wordt, Turner het zo ontzettend naar z’n zin heeft op het podium.

De wereldreis van de zwager

De bijzonderheid van de show wordt ongeveer halverwege duidelijk: de toekomstige zwager van Turner is in de zaal aanwezig voor zijn vrijgezellenfeestje. Daar moet de zanger natuurlijk even gebruik van maken (maar met mate, want hij vreest de toorn van zijn zus!). Hij haalt zijn bijna-zwager op het podium en geeft hem de opdracht door de zaal heen te crowdsurfen. Ondertussen moet hij ‘Amsterdam Steve’ (lees: onbekende man in de zaal) een high five geven en oh ja, ook nog even twee tequilashots bij de bar ophalen. Zonder de grond te raken.

Welk liedje er tijdens zijn reis gespeeld wordt, zullen niet veel mensen meer weten, alle ogen zijn op de zwager gericht. Maar heel zorgzaam wordt hij de zaal rondgedragen.

De twee verboden regels van de punkrock

En daarmee voldoet de Melkweg precies aan de eisen van Turner. Want hoewel een punckrockshow geen regels hoort te hebben, aldus Turner, zijn het er vanavond twee. 1. Don’t be an asshole. En daar luistert het publiek braaf naar. Wie valt, wordt met zorg omhoog geholpen, een een jochie dat het lef heeft om te gaan crowdsurfen, wordt heel voorzichtig op handen naar de andere kant van de zaal gedragen.

Regel twee? Heel hard meezingen als je de woorden kent. En ook dat doet de Melkweg goed vanavond. Daardoor is het onderscheid tussen de publiekslievelingetjes en de wat minder populaire tracks goed te horen. Vooral de hardere feestnummers vallen in de smaak en worden soms zo hard meegezongen dat Turner niet meer te horen is.

Onvervalst feest

Hoewel de show bij vlagen wel erg gerepeteerd overkomt, is het van begin tot het einde een onvervalst feest. Turner biedt aan het eind zijn excuses aan dat het zo lang geleden was dat hij in onze hoofdstad speelde, en belooft de volgende keer niet meer zo lang te wachten. Nou Amsterdam, maak dan je borst maar nat!

Ingetogen Novo Amor steelt harten in Tolhuistuin

19 oktober was het eindelijk zo ver: het debuutalbum van Novo Amor kwam uit. De Brit bracht daarvoor al veel succesvolle singles en een album met vriend Ed Tullet uit, en nu is ‘Birthplace’ daar. Dat viert hij met een Tour door Europa. Woensdagavond stond hij in Amsterdam.

Wie Novo Amor ook maar enigszins kent, zal meteen aan de kenmerkende kopstem van de zanger denken bij het horen van zijn naam. Op de plaat en singles zingt hij bijna uitsluitend in de kopstem, maar live wisselt hij het meer af met zijn ‘normale’ stem. Misschien wel noodgedwongen: zijn gekuch tussendoor en soms overslaande stem zijn tekenen aan de wand dat hij niet helemaal in vorm is.

Dat en gitaarpedal die niet mee wil werken, meer valt er niet op aan te merken vanavond. De vooral ingetogen muziek van Novo Amor wordt live recht aangedaan. De stem van zanger Ali Lacey straalt in de overwegend stille Tolhuistuin. Hij is ook niet bang om tussendoor grapjes te maken over niet werkende apparatuur en neemt ook af en toe de band in de zeik. Met die grapjes en de wonderschone muziek wint hij alle harten vanavond. Het optreden zal misschien niet de boeken ingaan als een van de meest legendarische concerten ook, maar wie er vanavond bij was heeft alle reden om uitermate tevreden naar huis te gaan.

Against The Current en The Faim in de Melkweg: twee bands, één groot feest

Wie The Faim graag een keer in Nederland wilde zien, had pech. Toen bekend werd dat de Australiërs het voorprogramma van Against The Current in de Melkweg zouden verzorgen, was het concert nagenoeg al uitverkocht. Maar de gelukkigen die wél een kaartje hadden, kregen dubbel waar voor hun geld.

The Faim is voor het grote publiek nog redelijk onbekend en vers. In februari kwam namelijk pas hun eerste single uit, ‘Saints Of The Sinners’. Maar het was een spraakmakende eerste single: de band werkte ervoor (hoorbaar) samen met Pete Wentz van Fall Out Boy. Niet slecht voor een beginnend bandje.

Daarna volgden nog wat singles, met uiteindelijk een EP, ‘Summer Is A Curse’. Heel veel werk hebben ze dus nog niet om te spelen, en daarom is het voorprogramma verzorgen een uitstekende stap. Een beetje je liedjes spelen, het publiek omver spelen en ondertussen alvast fans binnen hengelen. Tegen de tijd dat je dan meer liedjes uitgebracht hebt, een hele show zelf kan vullen en daarmee dan ook op tour gaat, zit je gebakken.

Mocht dat de strategie zijn van The Faim, dan doen ze het goed. Het optreden in de Melkweg is namelijk zeker overtuigend. Zanger Josh Raven is live extreem goed, zelfs tijdens de bijzondere moves die hij tentoon stelt op het podium. Vooral heel veel in de lucht schoppen, springen en dansen, je kent het wel. Menig ander mens zou na één liedje al buiten adem zijn, maar Raven lijkt nergens last van te hebben.

Ook de bassist/toetsenist weet regelmatig de ogen naar zich toe te trekken. Hij is een expert in noten op de basgitaar heel dramatisch aanslaan, en krijgt het zelfs voor elkaar om zijn keyboard met één hand boven zijn hoofd te tillen en hem met de ander te bespelen. Een hoop vertoon dat soms helaas wat afleidt van de muziek.

The Faim vertelde in een interview al dat ze nooit hetzelfde willen klinken op een liedje. Ook live komt dat goed naar voren: de enige overeenkomst is de stem van de zanger en de schijnbaar eindeloze drang om er een enorm feest van te maken.

Against The Current gaat daar na de ombouwtijd gewoon lekker mee verder. Zangeres Chrissy Costanza mag dan niet heel groot of stevig zijn, met haar stem blaast ze iedereen omver. Ze haalt moeiteloos alle noten. Oké, er zitten hier en daar wat schoonheidsfoutjes in, maar daar zal niemand echt over vallen. Zowel het oudere werk, als het werk van de net verschenen plaat ‘Past Lives’ schittert in de live-uitvoering.

Het jammere van dit optreden is dat de muziek heel slecht afgesteld staat. Omdat de bas veel te hard staat, valt de stem van Costanza soms weg in het gitaargeweld. Ook is de uitverkochte Melkweg echt stamp-, stampvol. Daarom is het maar goed dat de band er zo’n feestje van maakt: dan valt dat vanzelf minder op.

Paradiso in de ban van Dermot Kennedy

Een veelgehoorde klacht over concerten tegenwoordig is dat er zoveel doorheen gepraat wordt. Je moet als artiest wel héél bijzonder en meeslepend zijn, wil je het publiek het hele concert stil houden. En dat is nou precies wat Dermot Kennedy is en moeiteloos lukt.

Vanaf de eerste noten staat Paradiso aandachtig te luisteren naar elke toon die uit de boxen klinkt. En terecht: de muziek van Kennedy zit zo ingenieus in elkaar dat elke noot die aandacht ook verdient.

Terug naar de basis

Singer-songwriters heb je in overvloed, en net als bij elk genre is het als artiest belangrijk om je eigen geluid te vinden om niet in de grote massa te verdwijnen. Door hiphopinvloeden en veel elektronische geluiden in zijn muziek te verwerken, is het Dermot Kennedy gelukt. Tegelijkertijd is hij ook niet bang om op het podium terug te gaan naar de basis: gewoon zijn gitaar en stem.

img_2318Praktisch perfect

En wát voor stem. Dat rauwe randje, de bijzondere uithalen en de emotie die hij onvermoeibaar in elke zin legt: het is niet zo gek dat de zaal compleet in de ban van de Ierse zanger is. Wanneer hij tussen de liedjes door wat zegt, is hij nederig en bescheiden. Maar zo gauw de muziek begint, verdwijnt Dermot en wordt hij zijn muziek. Een betere omschrijving is er eigenlijk niet. Veelal met zijn ogen dicht komt elk liedje er praktisch perfect uit.

Aandachtige stilte

Wanneer Kennedy het publiek bedankt voor de aanwezigheid, en uitlegt hoe belangrijk de steun van fans is, krijgt hij een lang en welverdiend applaus. Tijdens het daaropvolgende liedje mag het publiek meezingen, voor de rest verloopt het concert in aandachtige stilte. Als de zaallampen aan gaan en het einde van het concert bevestigen, kan iedereen luid pratend weer naar huis gaan. En dat gesprek kan eigenlijk maar één conclusie hebben: Dermot Kennedy is een steengoede muzikant die maar snel weer terug moet komen naar Nederland.

The Night Game reïncarneert eigenhandig de eighties

“We komen terug in 2019. Film een stukje van dit concert en zet het op dat giftige ding dat je in je broekzak draagt. Laat al je vrienden weten dat je The Night Game als eerste zag in Amsterdam. Volgende keer wil ik de zaal vol zien!!” Deze woorden van frontman Martin Johnson vatten het optreden van The Night Game in de Melkweg goed samen. Een nu al legendarisch concert, waarvan iedereen over een paar jaar wenst dat hij erbij was.

Energie en charisma

The Night Game trapt af met ‘American Nights’, de eerste single die de band in Europa uitbracht. Zonder veel tijd te verspillen aan wat interactie met het publiek, stoomt de band door de setlist heen. Sommige bands komen daar niet mee weg. Zonder een praatje tussendoor kan een concert extreem saai zijn. Bij The Night Game is verveling echter absoluut niet aan de orde. Johnson staat met zoveel energie en charisma op het podium dat hij de hele zaal om zijn vinger windt.

Wedergeboorte van de eighties

In het werk van The Night Game is goed te horen dat Johnson zich flink heeft laten inspireren door de jaren tachtig. De muziek van The Night Game is het beste van de eighties, ingenieus verwerkt in popmuziek van nu. Als de Renaissance de wedergeboorte van de klassieke oudheid was, is The Night Game de wedergeboorte van de eighties. Johnson reïncarneert dat decennium eigenhandig.

Dat verwerken van de eighties in muziek van nu mag je letterlijk opvatten trouwens: The Night Game covert R.E.M., en Johnson gooit er aan het eind van een van zijn eigen nummers schaamteloos Talking Heads doorheen. En weet je wat? Hij komt er nog mee weg ook.

img_2293Vlekkeloze uitvoering

Het is bewonderenswaardig om te zien hoe extreem goed de band samen speelt. Johnson gedraagt zich als een ietwat excentrieke frontman, daagt zijn mede-muzikanten uit, dirigeert ze af en toe zelfs, en alles gaat vlekkeloos.

Dat hij de grote ster van de avond is valt niet te ontkennen. Zijn dansjes en uithalen zorgen ervoor dat hij bijna non-stop in de letterlijke én figuurlijke spotlights staat. De vocalen worden strak neergezet en zijn afwisselend genoeg om onderscheidend te zijn ten opzichte van het studiowerk. De uitstekende uitvoering van de tracks maakt dat het hele concert een feest is om aan te horen.

De onverwachte toegift

En dat feest is veel te snel afgelopen, vindt het publiek. Als de laatste tonen van afsluiter ‘Bad Girls Don’t Cry’ weggestorven zijn, blijft de zaal roepen om meer. Iets waar de band duidelijk niet op gerekend had, dus doen ze ‘The Outfield’, die ze voor ‘Bad Girls’ speelden, nog maar een keer. Daarna is het concert écht afgelopen. Maar als belofte schuld maakt, kunnen we The Night Game volgend jaar weer in ons land verwachten.

Beter dan Don Broco wordt het niet

Twee jaar geleden maakte Nederland voor het eerst kennis met Don Broco live. Ze openden toen voor 5 Seconds Of Summer, en mochten daarna op hun eigen succes door. Ze stonden twee keer voor een uitverkochte Paradiso Noord, deden vorig jaar nog een concert in TivoliVredenburg en oh ja: ze hebben ook al op Pinkpop gestaan. Gisteravond keerden ze terug naar Amsterdam voor een optreden in de Melkweg. 

Perfect voorprogramma

Het voorprogramma vanavond is het Schotse The LaFontaines. Ze klinken alsof iemand Linkin Park en Don Broco in een blender heeft gegooid: rap wordt gecombineerd met gelikte popmelodietjes en zware basloopjes. De frontman domineert het podium en weet de hele zaal naar zijn hand te zetten. Tussen al het gedans en af en toe een wat moeizaam verstaanbaar woordje Schots door zet de band een uitstekende show neer. Als voorprogramma wordt er van je verwacht dat je het publiek opwarmt, en dat deed The LaFontaines perfect! In oktober komt de band terug voor een eigen show, en als vanavond daarvan enigszins een voorproefje was, wil je dat niet missen!

IMG_0435De setlist is de dooddoener

Dat het overgrote deel van het publiek toch echt voor de hoofdact komt, blijkt al snel aan hoe de band op het podium onthaald wordt. Het wordt meteen duidelijk: de band is gekomen voor een feestje, maar het publiek net zo goed.

De setlist is een mooie afspiegeling van de albums en een van de EP’s die Don Broco sinds 2008 uitgebracht heeft. Uiteraard komt het hele oude ‘Thug Workout’ voorbij, maar is vooral het in februari uitgekomen album ‘Technology’ goed vertegenwoordigd.
Het is broeierig warm in de zaal, en dat maakt het wat lastig om helemaal los te gaan. Helaas is ook de setlist zelf op sommige punten een dooddoener. Toen we zanger Rob vorig jaar spraken vorig jaar spraken, gaf hij al aan dat ‘Something To Drink’ zijn favoriete nummer van het nieuwe album is. Dat deze gespeeld wordt vanavond, mag dus voor niemand een verrassing zijn. Toch is dit liedje op het album al een beetje een vreemde eend in de bijt, en live valt hij ook uit de toon, waardoor de set een beetje inkakt. Ook is het erg jammer dat tracks als ‘What Do You Do To Me’, ‘Further’ en ‘I Got Sick’ schitteren door afwezigheid.

IMG_0422100%

Maar tot zo ver de minpuntjes. Don Broco is absoluut weer in topvorm vanavond. De band straalt zelfvertrouwen, plezier en vooral heel veel ervaring uit. Elk liedje wordt live naar een hoger niveau getild, door een iets andere uitvoering bijvoorbeeld, maar boven alles door de uitstekende manier van spelen van de band. Dat is vooral goed te horen bij het op zich al wonderschone ‘Nerve’, waarvan het publiek nu kan genieten in een uitvoering met prachtige, foutloze meerstemmige stukjes.
Don Broco geeft op het podium altijd 100%, maar eist net zoveel inzet van het publiek. De hitte is in de zaal dan wel nauwelijks uit te houden, dat is voor veel bezoekers geen belemmering. Er wordt gesprongen, gecrowdsurfed, mensen komen op het podium om zichzelf op te drukken en er is zelfs een soort gemeenschappelijke sit-in, waarbij er geroeid wordt. Ja, echt. Zo zie je maar weer: bij Don Broco weet je nooit wat je krijgt.

Buiten mocht het dan plenzen van de regen, donderen alsof de hemel op ons neerviel en in de Melkweg wat het ook niet bepaald aangenaam: Don Broco heeft wel (weer) bewezen het trotseren van al die moeilijkheden waard te zijn. Beter dan dit worden concerten niet.

IMG_0416